
Dutch Sustainable Fashion Week: levende kleding, stoppen met kleding vernietigen en natuurlijk shows!
De mode van de toekomst ziet er misschien een stuk minder futuristisch uit dan je denkt. Geen zilveren pakken en vliegende kledingstukken, maar gewoon: je favoriete broek repareren, een jas ruilen, kleding opnieuw stylen en ontdekken dat een moerasplant zomaar de grondstof voor een nieuw textiel kan worden.
Van 7 tot en met 11 oktober staat Nederland namelijk weer vijf dagen lang in het teken van de Dutch Sustainable Fashion Week. Dit jaar is het thema toepasselijk genoeg: Back to the Future. In tien steden komen ontwerpers, makers, wetenschappers en fashionliefhebbers samen rond één vraag: hoe ziet de mode eruit als we niet alleen nieuwe dingen blijven maken, maar ook veel slimmer omgaan met wat er al is?



Eerst maar eens kijken wat we al hebben
Want de toekomst van mode hoeft niet per se te beginnen met iets compleet nieuws. Misschien ligt een deel ervan gewoon al in je kledingkast. Tijdens DSFW kun je daarom op allerlei plekken kleding ruilen, repareren, restylen en upcyclen. In Utrecht gebeurt dat bijvoorbeeld tijdens DRAAGBAAR, waar je zelf met je garderobe aan de slag kunt. In Zwolle, dat dit jaar voor het eerst meedoet, is er een grote tweedehandsmarkt met meer dan honderd kramen, kledingruil, een repair centre en een inzamelpunt.
Tegelijkertijd wordt er natuurlijk wel degelijk aan de kleding van de toekomst gewerkt.
Hallo levende kleding 👋
Tijdens de opening van DSFW in Haarlem wordt vandaag het nieuwe trendboek FUTURE FABRICS gelanceerd van trend- en futureresearcher Maesanne Doornik. Daarin worden zeven trends en vier toekomstscenario’s onderzocht op het snijvlak van mode, wetenschap en design.
Een van die ontwikkelingen heet BIO NURTURE. Daarbij werken textiel en levende organismen samen, waardoor materialen nieuwe eigenschappen kunnen krijgen.
Klinkt behoorlijk sci-fi. En dat is het ergens ook. Maar juist dat maakt het interessant: de innovatie van morgen hoeft niet alleen uit een laboratorium te komen. Misschien gaan we straks materialen ontwerpen die samenwerken met de natuur in plaats van er alleen maar grondstoffen uit te halen.
En ondertussen verandert de kledingkast al
Dat deze omslag niet alleen maar een leuk toekomstbeeld is, zie je ook aan de regels die inmiddels veranderen. Sinds deze zomer mogen grote bedrijven in Europa onverkochte kleding, schoenen en accessoires niet meer vernietigen. Sinds 2025 moeten EU-landen textiel bovendien gescheiden inzamelen.
En er is nog een behoorlijke berg potentie te vinden in wat we nu als afval zien. Recent Nederlands onderzoek laat volgens DSFW zien dat bij optimale sortering tot 40 procent van het Nederlandse textiel opnieuw gebruikt of gerecycled zou kunnen worden.
Dus misschien moeten we de vraag niet alleen stellen: “Wat is de nieuwste stof?” Maar ook: “Wat kunnen we nog maken van alles wat we al hebben?”


Mode wordt een stuk leuker als je er zelf aan mee mag doen
Dat is misschien wel mijn favoriete onderdeel van deze Fashion Week. Het gaat niet alleen over grote bedrijven en futuristische materialen waar je als gewone kledingdrager verder weinig mee kunt.
Je kunt zelf meedoen. In Leiden kun je kleding ruilen en repareren. In Rotterdam zijn er fashion shows, workshops en interactieve experiences. In Enschede komen fashion, kunst en verhalen over kleding samen. En verspreid over Amsterdam, Arnhem, Den Haag en Lelystad zijn er swaps, exposities, films en workshops.
Oftewel: de toekomst van mode wordt niet alleen op een podium bedacht. Je kunt er gewoon met je eigen kledingkast middenin staan. En misschien is dat precies wat “Back to the Future” zo’n goede naam maakt. De mode van morgen kan bestaan uit compleet nieuwe materialen en technologieën, maar óók uit iets heel simpels: langer doen met wat we al hebben, kleding opnieuw leren waarderen en ruimte maken voor makers die het anders durven te doen.
De toekomst ligt dus misschien niet ergens ver weg. Misschien hangt-ie gewoon al bij jou aan een kledinghanger. 👀





